| Dakbegroening | ||||||||||||||||||
Toepassing van mycorrhiza bij de teelt van vegetatiematten en graszodenbron: GaLaBau 5+6 / 07 In het voorjaar van 2006 werd van de firma Niedersächsische Rasenkulturen NIRA GmbH & Co. KG, Groß-Ippener (www.rasenkulturen.de) een perceel met vegetatiematten voor de extensieve dakbegroening met inoq® Mycorrhiza behandeld. Het gewas was toen ca. 8 weken oud. Deze vegetatiematten bestaan voornamelijk uit verschillende Sedum-soorten, die in een ca. 2 cm dikke substraatlaag op een vezelmat groeien. De verzorging met voedingsstoffen en water was op het gehele perceel gelijk, zodat de verschillen in principe alleen door de behandeling met Mycorrhiza veroorzaakt kunnen zijn. Ca. 6 weken na behandeling was de werking, niet in de laatste plaats door de bovengemiddeld warme en droge maand juli, zeer duidelijk zichtbaar (zie Afb. 1). De uitgebrachte plantjes hadden zich met Mycorrhiza wezenlijk sneller ontwikkeld, hun kleur was mooi groen, de begroeiing was dichter dan zonder behandeling. De invloed van droogtestress was bij de onbehandelde planten te zien aan een rode kleur en minder groei. Door de sterke groei in het behandelde gedeelte konden de watergiften gereduceerd worden. In september leidde aanhoudend droog weer op nieuw tot een intensieve roodkleuring van de onbehandelde kant terwijl de behandelde planten maar een lichte roodkleuring lieten zien en nog steeds groter waren en een dichtere mat vormden (zie Afb. 3). In juli 2006 werd een verdere deelperceel met vegetatiematten in de opkweekfase behandeld met Mycorrhiza. Daarbij werd gemycorrizeerd substraat (inoculum) direct in het opkweeksubstraat gemengd. Dit geïnoculeerde substraat werd in een vezelmat ingebracht en met Sedum-soorten ingezaaid. Een ander deel van dezelfde perceel werd met substraat zonder Mycorrhiza aangelegd. De verdere verzorging van beide deelpercelen was identiek. De Werking was na ca. 6 weken wederom duidelijk te zien. Er ontwikkelden zich sneller grotere planten en in korte tijd waren de gaten tussen de planten gesloten. Met name de volgende Sedum-soorten profiteerden van de behandeling: Sedum spurium, Sedum kamtschatikum, Sedum lydium und Sedum reflexum. Een positieve invloed op de groei was bij Sedum album minder kenbaar. Christian Schade van NIRA vat de tot nu toe gemaakte ervaringen samen:
Het blijft af te wachten of de positieve werking van de behandeling
voortduurt tot aan het eind van de winter. Als de betere conditionering
van de Sedum-soorten op de vegetatiematten behouden blijft, zouden deze
in het voorjaar bij adequaat weer ook voor een eerste bemesting met een
hogere dichtheid en een aansprekende habitus vroeger verkocht kunnen worden.
|
||||||||||||||||||